In 2025 gaat onze fietsreis richting het zuiden van Duitsland naar Konstanz aan de Bodensee. Voor deze tocht vonden we inspiratie in het boek: Door de zwarte wouden van Paul Benjaminse.
Net als in 2024 doen we deze trip met z’n tweeën, de kids hebben andere plannen.
Deze fietsreis was een echte meevaller: we troffen het met het weer (bij momenten zelfs te warm), de fietspaden langs de volledige route waren in goede staat en bovendien kregen we een mooie les in de Centraal-Europese geografie. We volgden of kruisten maar liefst 9 rivieren, we reden door De Eifel en Het Zwarte Woud en we deden naast België nog 4 Europese landen aan. Qua intensiteit was het zeer gevarieerd maar nooit overdreven: vlakke ritten wisselden af met glooiende, en af en toe was er wel wat pittig klimwerk.
We sporen vanuit Brussel tot in Welkenraedt van waaruit we fietsen naar het dorpje Raeren om vervolgens de bekende Vehnbahn te volgen. Kort na St Vith verlaten we de Vehnbahn richting Eifel. Van daaruit volgt een gevarieerde tocht langs de dalen van een reeks kleinere en grotere rivieren: Enz – Prüm – Sauer – Moezel. We rijden door bossen, velden, weilanden en hopvelden. Aangezien we de dalen van de rivieren volgen kent het parcours een glooiend verloop maar nooit overdreven steil.



De Sauer (Sûre) leidt ons naar Wasserbillig het laagste punt van het Groothertogdom Luxembourg, waar hij uitmondt in de Moezel. Hop maakt plaats voor wijnranken. Na een korte tocht langs de Moezel volgen we vanuit Konz de rivier Saar. Het landschap verandert: de rivier meandert doorheen typische roodbruine rotspartijen afgewisseld met bos en wijnranken. Het fietspad blijft mooi langs de rivier, dus hier geen klimwerk. Onderweg passeren we nog het mooie Saarburg. Naarmate we Saarbrücken naderen maakt natuur plaats voor huizen en (staal)industrie.
We verlaten Saarbrücken via de Saar en al snel rijden we Frankrijk binnen. Je merkt aan alles dat dit gebied, hoewel vandaag Frans, een Duitse historie heeft. Na enkele kilometers langs de Saar en het Saar kanaal laten we het water voor wat het is en verkennen we de kromme Elzas (l’Alsace bossue – een uitsprong van de Elzas binnen het departement Lotharingen). De kleurrijke vakwerkhuizen, de eerste ooievaars, overal weelderige bloemperkjes en verderop zuidwaarts zien we de toppen van de Vogezen … ja, dit voelt als de Elzas. Onvermijdelijk doen we hier de nodige hoogtemeters, we rijden immers door de noordelijke Vogezen. We komen langs enkele typische dorpjes waarvan La Petite Pierre / Lützelstein zeker een vermelding verdient.

Vanuit La Petite Pierre dalen we af naar het kanaal Marne-Rhijn. Het is een typisch kanaal ,zoals Frankrijk er vele telt, dat enkel nog voor recreatieve vaart wordt gebruikt. We volgen dit kanaal tot Strassbourg, een vlakke tocht langs tal van sluizen. We rijden de stad binnen via de Europese wijk. Hier houden we een rustdag want het historisch centrum is best de moeite.
Na Strassbourg rijden we richting Het Zwarte Woud. Onmiddellijk bij het verlaten van de stad steken we de Rijn over langs een geweldige fietsbrug. Aan de overkant van de rivier zijn we terug in Duitsland. Vanuit Offenburg volgen we de rivier Kinzig via de Kinzigtal Radweg. Opnieuw zijn we verbluft door de kwaliteit van de Duitse fietsinfrastructuur. Deze Radweg leidt ons steeds dieper Het Zwarte Woud in. Geleidelijk maken we dus opnieuw onze hoogtemeters. Ook hier komen we langs tal van typische dorpjes met vakwerkhuizen en kleurrijke bloempartijen.




Na Schilltach laten we de Kinzig voor wat hij is en wacht onze een pittige klim naar het dak van onze fietsvakantie. Om zo weinig mogelijk hinder te hebben van de warme zomertemperaturen beginnen we deze tocht zeer vroeg in de ochtend. Het was een goede beslissing: we reden dwars door het mistige dennenwoud om uiteindelijk voor de middag het Plateau von Tennenbronn (900m) te bereiken.
Vandaar gaat het langs het dal van de Brigach naar het mooie ommuurde Villingen en vervolgens richting Donaueschingen. De naam zegt het al, hier in de buurt ontspringt de Donau. Wij waren in ieder geval onder de indruk van de mooie Jugendstil gebouwen her en der in de stad. Na Donaueschingen volgen we de dan nog bescheiden Donau via de populaire Donau Radweg.

Om de Bodensee te bereiken moeten we het dal van de Donau verlaten. Er wachten ons dus nog wat hoogtemeters. Ook hier kiezen we voor een vroege start vanuit Möhringen. Opnieuw een zeer mooie tocht. Na enkele uren bereiken we het ski-oord Wittoh (862m). Bij helder weer zie je van daaruit de Bodensee liggen. Dat geluk hadden wij niet. Dan volgt een best lange en mooie afdaling, richting Radolfzell.
Vanaf Radolfzell volgen we kort de Bodensee Radweg richting Konstanz. We rijden het historische stadcentrum binnen langs de brug over de Rijn (ja, opnieuw de Rijn).
Overnachten doen we in Kreuzingen (Zwitserland) net voorbij Konstanz. Hier eindigt onze tocht na 10 fietsdagen en 730km. We genieten nog een dag van de Bodensee en Konstanz, om vervolgens met de trein terug te keren naar Brussel.
